Mijn koninkrijk kome

‘Ik heb net trouwens een mevrouw bezocht, die hier om de hoek woont. Via via had ik gehoord dat ze op zoek is naar een kerk. Ze heeft veel tegenslag. Haar man heeft een zwaar ongeluk gehad en is nu in revalidatie. Zij moest haar werk opgeven om voor de kinderen te zorgen. Ze heeft altijd wel in God geloofd maar komt al jaren niet meer in de kerk. Ze vertelde dat God tegen haar heeft gezegd dat ze weer naar de kerk moet gaan.’

Ik zit op de bank bij Gerrit om kennis te maken. Hij is buurtgenoot en lid van een pinkstergemeente. Ik vertel over het werk dat ik doe in het Oude Noorden. Dat ik een buurtdominee ben die actief probeert contact te maken met de mensen in mijn wijk en iets van Gods liefde wil uitdragen. Gerrit zegt: ‘Bijzonder verhaal! Als ze wil kan ze wel met ons mee naar de kerk. Ik kan haar gerust even oppikken zondagochtend.’

Ik begin te stotteren: ‘Euh, nou, het contact is net gelegd, en we moeten even kijken hoe het verder gaat. Onze kerk is hier ook heel dichtbij. Maar ja, dat zou natuurlijk kunnen. Ik euh, zal het onthouden.’ Ik schrik ervan. Deze reactie had ik niet verwacht. Ik wil de mevrouw eigenlijk strikken voor onze eigen kleine kerk, ze besef ik me nu. We zouden een extra lid goed kunnen gebruiken. Ze heeft ook nog kinderen en dat is natuurlijk mooi voor de zondagschool.

Ik voel direct wel aan dat hier iets niet klopt. Ik heb hier niet het beste voor de mevrouw op het oog. Ik heb hier ook niet Gods koninkrijk op het oog. Ik heb mijn kerk op het oog, en eigenlijk mijn eigen succes.

crown-3060391_1920In de vijf jaar dat ik dit werk doe, merk ik dat dit gevaar constant op de loer ligt. Voordat ik het weet, ben ik aan het concurreren met andere missionaire projecten en werkers. Ik ben dan op zoek naar mensen in de wijk voor wie ik iets kan betekenen.  Wanneer ik die vind, spring ik er bovenop, als een eend die snaterend een stukje brood probeert te bemachtigen en er dan snel mee weg fladdert. Vaak is doorverwijzen naar een collega of een andere kerk een veel betere optie. Maar hoe moeilijk is dat. Want succes lijkt binnen handbereik te liggen.

Het is ook niet zo vreemd. Net zoals iedereen wil een dominee of missionair werker een beetje resultaat hebben. Dan kan ik aan mijn kerk laten zien: ‘Kijk eens, jullie betalen me niet voor niets! Ik doe waardevol werk.’ En ik kan mijn collega’s mooie verhalen vertellen. Maar dit kan ontaarden in egoïstisch en ongezond gedrag. Ik ben bezig met mijn eigen belangen en niet met die van de ander.

Het begin van de oplossing ligt in de erkenning dat we allemaal – dus ook dominees –  mens zijn en op zoek zijn naar een stukje erkenning en acceptatie. Ons werk is een belangrijke plek waar we die kunnen vinden. Het is zaak deze drijfveer in het licht te brengen. Dan kan deze geen onderhuidse rol meer spelen en onze motieven vertroebelen.

Uiteindelijk kunnen andere mensen ons nooit de waardering en acceptatie geven die we nodig hebben, zo stelt Simon Walker in zijn boek The Undefended Leader. Daarvoor hebben we Iemand nodig die groter is dan wijzelf. Hij is de bron van onvoorwaardelijke aanvaarding. Als we dagelijks uit die bron drinken, zijn we niet meer afhankelijk van ons succes en de complimentjes die we daarvoor krijgen (alhoewel die fijn en belangrijk blijven). We hebben dan meer dan genoeg om met innerlijke vrijheid beschikbaar te zijn voor anderen.